Onlangs is Jean Gebruers van het Circus Rose-Marie Malter gehuldigd op het stadhuis van Gent. Als we zijn circuscarrière overlopen, is dat meer dan verdiend, want dit jaar wordt hij 75 jaar en hij is intussen ook 40 jaar circusdirecteur. Maar er is meer.
Hij werd geboren op het ogenblik dat zijn vader Julien bij Circus Selma een springnummer deed met Jean’s oudere broers Eugène en Jos. Julien, gehuwd met een dochter uit het Circus Greif, was zelf de zoon van een reizend toneelspeler en schilder. Op 12 jaar is Jean als acrobaat begonnen met vader, in theatertent op de kermis. Enkele jaren later ging hij thuis weg en trok hij naar Circus Libot. Daar leerde hij het vak van august, een rol die hem zeer goed lag. Gebruers kwam dan bij Tiroler Circus terecht, huwde in 1959 de dochter Rose-Marie en werd zelfs op papier directeur van dit dierencircus, want de familie Malter had de Duitse nationaliteit en kon hier dus niet zo maar reizen. In 1971 begonnen Jean en Rose-Marie hun eigen uitbating als Apollo Circus. Ze beleefden goede en slechte jaren maar hielden vol en in 1986 wijzigden ze de naam in Circus Rose-Marie Malter.

Toen ik op Allerheiligen 1986 met mijn vrouw hun spektakel bezocht op die prachtige locatie van de Gentse Vrijdagmarkt, zagen we Jean samen met zijn broer Jos en Benoni Verswijvel als augusten aan het werk. Na de voorstelling zeiden mijn vrouw en ik tot elkaar: Dat waren nu nog eens echte authentieke Vlaamse augusten, zoals die vroeger bestonden in de tijd van Circus Minnaert, Simon en Libot. De sfeer van de vroegere spreekclowns, zo typisch voor Vlaanderen, hadden we nog eens herbeleefd. Maar dat was ook de laatste keer. Opvallend is ook dat de vier kinderen Pierrot, Patrick, Tamara en Jasmin allemaal in het circusvak zijn gebleven. Intussen hebben zij ook de leiding van het Circus Rose-Marie Malter overgenomen. Aan Jean Gebruers wens ik nog vele mooie jaren samen met zijn echtgenote, kinderen en kleinkinderen en dat al de dagen die nog komen voor hem circusdagen mogen zijn.
