Het Huis van Alijn vernieuwt en is gesloten van 1.10 t.e.m. 15.12.2017 – meer info

Dagelijkse benodigdheden, zoals boter, kaas, suiker, koffie en bloem, kon men in de vroege 20ste eeuw bij de kruidenier kopen. In elke buurt of wijk was er minstens één kruidenier. Daar werd alles bewaard in tonnen en kisten. Een klant kon exacte hoeveelheden van de producten kopen. De kruidenier woog alles af en verpakte de ingrediënten in puntzakken. Naast handelaar was de kruidenier ook een therapeut. Hij kende de buurtbewoners en klanten; er ontstond een vertrouwensrelatie tussen klant en kruidenier. Dit maakte dat klanten op krediet kochten. Om de aankopen bij te houden, gebruikte de kruidenier het systeem van de kerfstok. In een houten stok werd per aankoop een streepje gekerfd. De stok werd in twee gedeeld: één voor de klant en één voor de kruidenier. Bij de eindafrekening werden beide delen samen gelegd en de schulden afgelost.