De 'voorplaats', de mooiste kamer in het huis, werd tot in de jaren veertig voorbehouden voor de belangrijke momenten in het leven zoals het feestmaal bij een huwelijk of een koffietafel na een begrafenis.
Begin 20ste eeuw werd binnen de katholieke traditie niet de geboorte zelf, maar het doopsel gevierd. Daarom is de witte kleur uitdrukkelijk aanwezig in deze kamer: als symbool van zuiverheid is wit de kleur van het doopsel.
Tot in de jaren veertig was de bruid meestal in het zwart gekleed. Het bruidspaar kreeg vooral gebruiksvoorwerpen cadeau, zoals een strijkijzer of keukengerei.
In de vroege 20ste eeuw was de apotheker een van de vooraanstaande inwoners van het dorp of de stad. Samen met de pastoor, schoolmeester en notaris behoorde hij tot de notabelen.